Next: Meer-elektron spin operatoren
Up: Aantekeningen bij het college
Previous: Directe produkten
Een beschrijving van een molekuul zonder de spin van verschillende deeltjes mee te nemen blijkt in de praktijk niet volledig te zijn. Daarom zullen we er hier wat meer op ingaan, in dit hoofdstukje alleen voor één elektron, in het volgende hoofdstuk voor meer elektronen.
De één-elektron spinoperatoren
,
en
zijn Hermitische operatoren die ``zich gedragen als impulsmoment operatoren'', in de zin dat ze aan dezelfde commutatierelaties voldoen. We zullen daarom beginnen met iets over de commutatierelaties van de impulsmoment operatoren te bekijken. Het impulsmoment
van een deeltje kunnen we schrijven als
 |
(46) |
waar
de plaats van het deeltje is, en
zijn impuls. In de quantummechanica werken we met operatoren, dus schrijven we
 |
(47) |
De componenten van
zijn Hermitisch. Bereken bijvoorbeeld de Hermitisch geconjugeerde van
:
 |
(48) |
waarbij we gebruikt hebben dat de plaats en impuls Hermitisch zijn, en dat
.
Als we nu de commutator van bijvoorbeeld
en
uitschrijven, zien we dat
We gebruiken weer dat de coördinaten x, y en z onafhankelijk zijn, zodat we voor ongelijke coördinaten
kunnen schrijven
![\begin{displaymath}[\hat{\rho},\hat{\sigma}]= [\hat{\rho},\hat{p}_\sigma]
= [\hat{p}_\rho,\hat{p}_\sigma] = 0 ,
\end{displaymath}](img186.gif) |
(50) |
ofwel
,
enz. Dan kunnen vgl.
(49) dus herschrijven als
Uitschrijven van de andere commutatoren levert op dat we x, y en zcyclisch mogen verwisselen, zodat we hebben
![\begin{displaymath}[\hat{l}_x,\hat{l}_y]=i\hbar\hat{l}_z, \qquad
[\hat{l}_y,\ha...
...\hbar\hat{l}_x, \qquad
[\hat{l}_z,\hat{l}_x]=i\hbar\hat{l}_y.
\end{displaymath}](img192.gif) |
(52) |
Als we dan verder nog de operator
definiëren als
 |
(53) |
en we rekenen de commutator daarvan met bijvoorbeeld
uit, dan
krijgen we
Hetzelfde resultaat krijgen we als we
vervangen door
of
.
Omdat
commuteert met
,
en
kunnen we gemeenschappelijk eigenfuncties maken van
en één van de drie andere. De conventionele keus hiervoor is
.
Bij overgaan op bolcoördinaten
blijken de operatoren
,
,
en dus ook
alleen van de hoeken
en
af te hangen. De eigenfuncties zijn dan de spherisch harmonische functies
,
waarvoor we kunnen schrijven
of in meer abstracte ket-notatie (we zullen deze later meer gebruiken)
 |
(57) |
De spherisch harmonische functies zijn genormeerd en orthogonaal:
 |
(58) |
Op grond van een geometrisch argument, namelijk dat de golffunctie op
gelijk moet zijn aan de golffunctie op
,
volgt dat m en l gehele getallen moeten zijn. Verder kun je met behulp van de ladderoperatoren
laten zien dat
.
Wat heeft dit alles met spin te maken? Als gezegd, de spin-operatoren
,
en
gedragen zich op dezelfde manier als de corresponderende impulsmoment operatoren. Het ligt dan ook voor de hand om soortgelijke eigenfuncties
te definiëren, waarvoor geldt dat
 |
(59) |
Het verschil met de impulsmoment eigenfuncties ligt in het feit dat niet langer meer geldt dat s en ms gehele getallen hoeven zijn. We kunnen dit als volgt aanpraten: de golffunctie zelf is niet een fysisch ding. Wat wel meetbaar, en dus fysisch is, is de absolute waarde van het kwadraat van de golffunctie, zodat
 |
(60) |
ofwel7
 |
(61) |
Nemen we dit als eis, dan volgt daaruit dat
 |
(62) |
Het blijkt dat voor een elektron geldt dat
.
We hebben dus twee mogelijke eigenfuncties van
en
,
namelijk
met
Aangezien dit alle eigenfuncties van
en
zijn, vormen deze twee functies een basis voor de spinruimte van één elektron, een feit dat we straks kunnen gebruiken bij het construeren van een basis voor de spinruimte van meer elektronen. Ook deze functies zijn genormeerd en orthogonaal, zodat
 |
(63) |
Tenslotte zullen we in het volgende hoofdstuk de ladderoperatoren
nodig hebben. Deze zijn gedefinieerd door
 |
(64) |
Aangezien zowel
als
Hermitisch zijn, volgt hieruit dat de Hermitisch geconjugeerde van
.
Verder volgt uit (wederom) de commutatierelaties dat
![\begin{displaymath}[\hat{s}^2,\hat{s}_\pm]= 0,
\qquad
[\hat{s}_z,\hat{s}_\pm] = \pm\hbar\hat{s}_\pm .
\end{displaymath}](img227.gif) |
(65) |
Maar dan geldt dus dat
 |
(66) |
en
 |
(67) |
zodat de functies
óók eigenfuncties zijn van
en
,
bij dezelfde s maar bij een andere
.
Dan kunnen we dus schrijven
 |
(68) |
De coëfficiënten
kunnen we uitrekenen door het inprodukt van
met zichzelf uit te rekenen:
 |
(69) |
Maar we weten ook dat
 |
(70) |
Uitwerken van de operator
levert
![\begin{displaymath}
\hat{s}_\mp\hat{s}_\pm
= (\hat{s}_x\mp i\hat{s}_y)(\hat{s}...
...s}_x,\hat{s}_y]
= \hat{s}^2 - \hat{s}_z^2 \mp\hbar\hat{s}_z ,
\end{displaymath}](img237.gif) |
(71) |
zodat
Maar dat is gelijk aan
.
Kiezen we dus
reëel en positief, dan volgt daaruit
 |
(73) |
Voor het elektron komt dat neer op
Next: Meer-elektron spin operatoren
Up: Aantekeningen bij het college
Previous: Directe produkten
Gerrit Groenenboom
2003-09-10